Deze pagina is mede mogelijk gemaakt door de bijdrage van, en met toestemming van Frank van den Hoven. De gegevens komen uit het boek 'Op ontdekkingstocht door West-Brabant: Baronie en Markiezaat', auteurs Frank van den Hoven en Geert de Bruijn. Voor nadere informatie kijk op www.filatop.nl

Inhoud algemeen

Ulvenhout ‘t Hoekske Pennendijk Boswachterij Ulvenhout Annabos Anneville Couwelaar Daasdonk Geersbroek Hondsdonk Luchtenburg Notsel Rakens


 

Ulvenhout

Naam Status Ligging Statistische gegevens Geschiedenis Bezienswaardigheden Jaarlijkse evenementen Markt Koopavond Musea Heemkunde Recreatie Literatuur Ulvenhout op internet 

Inhoud algemeen

Naam

1274 Ulvenholti, 1277 Uluenhout, 1308 Olvenhout, 1328 Hulvenout. 

“Waarschijnlijk hout ‘hoogopgaand bos’ met ulven, meervoud van een thans in vergetelheid geraakte boomnaam, of hulven, meervoud van hulf ‘steekpalm, hulst’” (1).

“Ulvenhout zou samengesteld kunnen zijn met ulf, dat voortkomt uit wulf = wulg en zou dan een wilgenbos geweest zijn. Ulf komt ook voor in de naam Ulvenschot, de oude naam voor het Ulvenhoutsebos. Schotnamen worden vrijwel niet gecombineerd met persoonsnamen. Daarom komt de persoonsnaam Ulf hier waarschijnlijk niet in aanmerking” (89).

K. Leenders stelt in (102, nr. 127, 1999): “Hout-namen herinneren aan de vroege en hoge Middeleeuwen, toen in deze streken nog veel bos voorkwam.”

Tijdens carnaval heet Ulvenhout Uilenbos of Bosuilendorp. In 1999 heeft men het 33-jarig bestaan van het carnaval in Ulvenhout gevierd (in de carnavalswereld rekent men voor een jubileum met eenheden van 11 jaar).

Status

Dorp. Valt sinds 1997 onder de gemeente Breda. T/m 1941 gemeente Ginneken en Bavel. Overgegaan naar de gemeente Nieuw-Ginneken.

Per 1 januari 1997 is een deel van het buitengebied rond Ulvenhout (het deel Z van de A58, zijnde het landgoed Anneville en de buurtschappen Geersbroek, Couwelaar, Notsel en Rakens) overgegaan naar de gemeente Alphen-Chaam. De dorpelingen die naar de gemeente Alphen-Chaam zijn ‘verhuisd’, kregen een brief van de gemeente dat de naam van hun woonplaats officieel was gewijzigd van Ulvenhout in Geersbroek, om praktische redenen (PTT Post en het CBS zouden hier beter mee uit de voeten kunnen). De bewoners konden het echter niet waarderen dat zij nu ineens in Geersbroek zouden wonen in plaats van in Ulvenhout. Geersbroek kent immers bijna geen Nederlander, in tegenstelling tot Ulvenhout, aldus een van de inwoners van het desbetreffende gebied. Men vreesde zelfs dat de kapitale huizen hierdoor minder waard zouden worden. Protest bij de gemeente heeft ertoe geleid dat de naam Ulvenhout ook voor het Alphen-Chaamse deel gehandhaafd blijft. Als u vanuit Ulvenhout de A58 oversteekt, ziet u dan ook een wit bord met daarop in zwarte letters de plaatsnaam ‘Ulvenhout gem. Alphen-Chaam’ opdoemen.  

Ligging

1 km ZO van Breda, Z grenzend aan de A58.

Statistische gegevens

1840 40 huizen, 266 inwoners. 2000 dorp 1.650/4.400, buitengebied (voorzover vallend onder de gemeente Breda, een flink deel van het buitengebied van Ulvenhout is immers per 1 januari 1997 naar de gemeente Alphen-Chaam gegaan) 65/180.

Geschiedenis

“De tegenwoordige Sint Laurentiuskerk van Ulvenhout werd ingewijd op 25 juli 1904. Zij was niet het eerste Ulvenhoutse kerkgebouw; daarvóór hadden er al twee andere kerken bestaan, een die in 1792 in gebruik werd genomen en een die in 1742 werd gebouwd. Waaruit niet mag worden afgeleid dat de parochie in het laatstgenoemde jaar werd opgericht. Met enig recht kan men zeggen dat zij veel ouder is. Al kan men ook volhouden dat zij eerst veel later tot stand kwam. De verklaring van dit raadsel ligt hierin: de kerkschuur die in 1742 werd gebouwd, was bestemd als kerkgelegenheid voor de uitgestrekte parochie Ginneken, waartoe destijds ook Ulvenhout behoorde. Ginneken had in de eeuw daarvóór het eigen kerkgebouw moeten afstaan aan de hervormden. De kerkschuur van Ulvenhout diende feitelijk om die te vervangen. Men sprak ook nog steeds van de parochie Ginneken. Maar toen in de 19e eeuw de bewoners van de oude dorpskom weer een eigen kerkgebouw wensten, werd Ginneken in 1837 als zelfstandige parochie afgesplitst, en wel van de parochie Ulvenhout. Wat een verrassende beslissing was, want die parochie Ulvenhout was welbeschouwd geen andere dan de oorspronkelijke parochie Ginneken. Om inzicht te krijgen in de geschiedenis van kerkelijk Ulvenhout, moet dus worden uitgegaan van de lotgevallen van Ginneken. Alleen wie daarmee rekening houdt, kan begrijpen waarom er een grote kerk is gebouwd in Ulvenhout en niet bijvoorbeeld in het vanouds centraler gelegen Galder”, aldus mgr. dr. J. de Lepper in ‘Drie eeuwen kerk in Ulvenhout’.

Bezienswaardigheden

De Laurentiuskerk en de ernaast gelegen pastorie dateren uit 1904. Anno 2000 staan beide panden op de nominatie om te ‘promoveren’ tot rijksmonument. In de neogotische kerk staat een Van Peteghemorgel dat bijna twee eeuwen oud is. Het orgel is in 2000 gerestaureerd. Tevens zijn vijf glas-in-loodramen, die voorheen op zolder lagen opgeslagen, gerestaureerd en teruggeplaatst. Beide activiteiten konden worden uitgevoerd dankzij financiële ondersteuning van de in 1998 opgerichte Stichting Restauratie Kerkgebouwen Ulvenhout/Galder/Strijbeek. Het uurwerk en mechanisme van de kerkklokken zijn ook aan restauratie toe maar daartoe ontbreekt vooralsnog het geld. Ook de pastorie is gerestaureerd: op het dak liggen nieuwe Engelse leien (overigens, wegens geldgebrek, slechts gedeeltelijk) en de drie grote stenen bollen op de tuitgevels zijn vastgemaakt. Die zaten zo los dat zij naar beneden dreigden te vallen. De pastorie is gerestaureerd met geld dat de voormalige gemeente Nieuw-Ginneken opzij zette vóór de gemeentelijke herindeling van 1997.

Het kerkbestuur heeft diverse bronnen ontdekt die aan de instandhouding van het kerkgebouw kunnen bijdragen. Sinds pastoor Baeten uit de pastorie vertrok, is het gebouw te groot voor de parochiale werkzaamheden. Op de bovenverdieping zijn inmiddels twee bedrijven gevestigd en in de kerktoren hebben Dutchtone en Libertel een telefooncentrale voor mobiele telefonie gebouwd. Dat is een jaarlijkse inkomstenbron. Het succes van de Stichting Restauratie Kerkgebouwen komt volgens oud-architect en kerkbestuurder Frans Ruys door de grote betrokkenheid van het dorp: “Ook niet-kerkse mensen in het dorp vinden het een belangrijk en beeldbepalend gebouw in de kern. Zij hebben daar dan financieel wat voor over” (869).

De ronde stenen bergkorenmolen De Korenbloem*1 dateert uit 1909. In 1835 werd hier een gelijknamige standerdmolen gebouwd, die voorheen op de Goudberg te Strijbeek stond. Deze eeuwenoude molen brandde in 1909 af. Nog in datzelfde jaar is in opdracht van eigenaar P. Soffers de huidige bergkorenmolen gebouwd. Na een aantal jaren te hebben stilgestaan, kon de molen in 1977, dankzij een actief gemeentelijk subsidiebeleid, na een flinke restauratie weer in gebruik worden genomen. In 1998 is er een stichting opgericht die zich inzet voor het behoud van dit monument. Het boekje ‘De Korenbloem’, dat handelt over, inderdaad, de geschiedenis van De Korenbloem (J. van der Westerlaken, uitg. heemkundekring Paulus van Daesdonck, 1977) is, zolang de voorraad strekt, nog bij de heemkundekring*3 verkrijgbaar. Het boekje behandelt tevens een aantal molentypen, de betekenis van de verschillende wiekstanden, de taak van een molenaar, het scherpen van de molenstenen, molenspreekwoorden (zoals bijvoorbeeld ‘een stille molen maalt geen meel’, betekent: ‘zonder arbeid bereikt men niets’) en molenrijmpjes.

Het fraaie voormalige gemeentehuis dateert uit 1964 en was de opvolger van het voorlopige gemeentehuis in Ginneken, dat tot 1942 het gemeentehuis was van de gemeente Ginneken en Bavel. In 2000 is bekend geworden dat het Waterschap Mark en Weerijs hier in de komende jaren zijn intrek zal nemen.

Rentenierswoningen aan de Dorpsstraat 52 (uit 1875) en 113 (uit 1902).

In 1996 zijn in het kader van het 200-jarig bestaan van de provincie Noord-Brabant de poort (tussen kerk en pastorie) en de hekpalen (tussen het voormalige klooster en de kerk) van het verdwenen huis Grimhuijzen gerestaureerd, als onderdeel van een provinciebreed restauratieproject van ‘kleine monumenten’. Deze overblijfselen van Grimhuijzen dateren vermoedelijk uit begin 17e eeuw en behoren daarmee tot de oudste monumenten van Ulvenhout. In opzet en fraaie detaillering is het uit Bentheimer zandsteen vervaardigde poortje een voorbeeld van renaissancestijl rond 1600. De poort vertoont stilistische overeenkomsten met de ingang van kasteel Bouvigne te Ginneken*2. De hekpalen zijn eveneens in Bentheimer zandsteen uitgevoerd. Opgebouwd uit een basement met diamantkop, een geblokte schacht met Bremerwerk en ionisch kapiteel, bekroond met een in reliëf gehakte leeuwenkop. De bouw van de nieuwe Laurentiuskerk met pastorie op het voorterrein van Grimhuijzen, in 1904, betekende tevens de afbraak van het slotje.

*1 Molenstraat 23. Tel. 076-5612210. Geopend zaterdag 9-16 uur en op afspraak.

*2 Zie verder aldaar.

*3 Zie voor verdere gegevens over deze kring bij Nieuw-Ginneken en Pennendijk.

Jaarlijkse evenementen

Aan de Voorjaarsmarkt (op een zondag eind april) doen circa 150 verenigingen, stichtingen en winkeliers mee. Er zijn ook diverse attracties voor de kinderen.

De kermis begint op de zaterdag in het laatste weekend van augustus en duurt vier dagen.

De Fietsdag Ulvenhout wordt sinds 1977 georganiseerd, op de derde zondag van september. U kunt kiezen uit drie verschillende afstanden: 130 kilometer, 75 kilometer en een gezinsrit van 30 kilometer. Er is geen wedstrijdelement aanwezig, iedereen kan in zijn eigen tempo rijden en op zijn eigen manier van de tocht genieten. De opbrengst van de tochten, waaraan jaarlijks ruim 3.000 mensen deelnemen, komt ten goede aan de instandhouding van twee vakantiebungalows voor gehandicapten*1. Start en finish zijn bij Auberge De Fazanterie*2. Na afloop van de tocht wacht elke fietser een herinnering. Bovendien worden de deelnemers onderweg diverse malen verrast met gesponsorde traktaties. “Het is echt een feest voor jong en oud en deelname is ook uitermate geschikt voor gezinnen en groepen”, aldus secretaris Jacqueline Hendrikx (980). “Deelnemers komen van heinde en verre en fietsen mee voor de gehandicapte medemens. Zowel bij vertrek als bij terugkeer heerst er op de thuisbasis De Fazanterie een gezellige sfeer. Er is muziek, er zijn kinderattracties en ook aan de inwendige mens is gedacht. Ook wordt er een loterij gehouden waarbij fraaie prijzen te winnen zijn. Kortom, het is laten genieten door te genieten.”

*1 Deze bungalows bevinden zich op AquaDelta in Bruinisse en op Camping Familyland in Hoogerheide. Om voor de - zeer lage - huur van de bungalows in aanmerking te komen, kunt u een aanvraagformulier aanvragen bij contactpersoon J. Schets, tel. 076-5612876.

*2 Zie voor verdere gegevens bij Boswachterij Ulvenhout.

Markt

Aan de Dorpsstraat, donderdag 13-17 uur.

Koopavond

Vrijdag.

Musea

Museum en Sociaal Cultureel Centrum De Pekhoeve*1 is gevestigd in een fraai gerestaureerde Vlaamse schuur (schuur met fors rieten dak).

Zie ook bij Pennendijk.

*1 Dorpstraat 94. Tel. 076-5602440.

Heemkunde

Zie http://paulus.ulvenhout.com 

Recreatie

In 1987 is door heemkundekring Paulus van Daesdonck de wandelroute ‘Wandelen tussen Grimhuysen en Wolfslaar’ uitgegeven. De route, die nog steeds actueel is en ongeveer twee uur duurt, voert u onder meer door en langs Ulvenhout, de Bavelse Leij, de Mark, het Markdal, kasteel Bouvigne, het Mastbos, buurtschap Bieberg, landgoed Wolfslaar, het Ulvenhoutse Bos en het Annabos. Het boekje met de routebeschrijving en achtergrondinformatie is, zolang de voorraad strekt, bij de heemkundekring verkrijgbaar*2.

In 2000 is een nieuwe wandelroute uitgezet door en rond Ulvenhout, getiteld Rondje Ulvenhout. U kunt kiezen uit een route van 4, 6 of 8 kilometer. U kunt het beste starten vanaf café-restaurant De Fazanterie*1.

*1 Zie voor verdere gegevens bij Boswachterij Ulvenhout.

*2 Zie voor verdere gegevens bij Nieuw-Ginneken en Pennendijk.

Literatuur

‘Drie eeuwen kerk in Ulvenhout, 1648-1976’*1 behandelt zeer accuraat de voorgeschiedenis, het ontstaan en de ontwikkeling van de parochie Ulvenhout. Ook de situatie in het Ginneken, Galder, Heusdenhout, Strijbeek en het net over de Belgische grens gelegen Meersel-Dreef, die kerkelijk veel met elkaar te maken hebben (gehad), wordt uit de doeken gedaan. Het boek is zeer leesbaar en toegankelijk geschreven; het leest als een spannend jongensboek, mede gezien de politieke en financiële perikelen die een rol hebben gespeeld. Of zoals pastor G. Baeten het in zijn voorwoord stelt: “Niets menselijks is vreemd aan de wording en het ontstaan van de kerkelijke situatie zoals wij die thans kennen in Ulvenhout, Galder en Strijbeek.” Een aanbevelenswaardig boekje als u zich nader in de kergeschiedenis in het algemeen en die van Ulvenhout en omgeving in het bijzonder wilt verdiepen.

‘Dorpsgids Ulvenhout’, samengesteld door Michel van Egeraat e.a.

*1 Mgr. dr. J. de Lepper, uitg. heemkundekring Paulus van Daesdonck, 1979. Uitgegeven ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van de huidige kerk. Het boekje is, zolang de voorraad strekt, nog bij de heemkundekring verkrijgbaar. Voor nadere gegevens over deze kring zie bij Nieuw-Ginneken en Pennendijk.

Ulvenhout op internet

Sinds november 2002 heeft Ulvenhout een informatieve en zeer uitgebreide website die bijna dagelijks bijgewerkt wordt. Met zo’n 900 bezoekers per maand een goede uitbreiding op de informatievoorziening rondom Ulvenhout. www.ulvenhout.com


 

’t Hoekske

Naam status ligging en geschiedenis De wegen in de buurtschap Recente ontwikkelingen Bezienswaardigheden Recreatie Overnachtingsmogelijkheden Literatuur Cartografie 

Inhoud algemeen

 

Naam

“De naam is ontleend aan de hoek waar de Molenstraat, Strijbeekseweg en de (oude) Chaamseweg bij elkaar kwamen. Deze hoek is thans vervallen” (82).

Status

Buurtschap. Valt sinds 1997 grotendeels onder de gemeente Breda, voor een klein deel (= de Heistraat) onder de gemeente Alphen-Chaam. T/m 1941 gemeente Ginneken en Bavel. Overgegaan naar de gemeente Nieuw-Ginneken. Overigens was er rond 1870 in de omgeving sprake van (nog) een buurtschap Het Hoekje, namelijk Z van Galder, W van Kerzel, Z van Balleman.

Ligging

Z en ZO van Ulvenhout, in het buitengebied tussen Ulvenhout en de A58, ten dele ook Z van de A58 (= de Heistraat). De buurtschap omvat de Oude Beekhoek, de J.F. Kellyweg, ’t Hoekske, de Tolweg en de Vlasaard en delen van de Chaamseweg, Strijbeekseweg, Molenstraat, Heistraat en Slotlaan. De begrenzing wordt gevormd door Mark, Chaamse Beek, Oude Beekhoek, eerste gedeelte Heistraat en de Strijbeekseweg tot de Koekelberg.

Geschiedenis

De buurtschap is – onder deze naam – pas officieel ontstaan in 1974. De streek en de bewoning in die streek zijn uiteraard al veel ouder. Een deel van de streek stond voor 1974 bekend als Beekhoek en de rest was min of meer naamloos. De buurt heeft derhalve de buurtvereniging én de buurtschap ’t Hoekske opgericht in 1974.

“Het plan voor het oprichten van onze buurtschap is ontstaan tijdens de diamanten bruiloft van de familie Brouwers in 1972. Dit feest vond plaats in de geheel ontruimde garage van Wim Schraven, waarbij de grote opkomst van vooral de nieuwe bewoners opvallend was. Dit leidde tot de concrete vraag van enkele jongeren, zoals de jongens van Van Oosterhout, Meeren, Van Hooydonk et cetera: ‘Hoe kunnen wij de integratie van de nieuwe buurtbewoners bevorderen?’. Dit resulteerde in een bijeenkomst in café ’t Hoekske. Hier werd besloten tot oprichting van Buurtschap ’t Hoekske” (82).

De aanleg van rijksweg A58 in 1989 heeft de buurtschap in drieën gesplitst, omdat niet alleen de rijksweg zelf maar ook de afrit Ulvenhout de buurtschap doorsnijdt. Eveneens betreurenswaardig is het verdwijnen van café ’t Hoekske in 1994, omdat dat het hart uit de buurtschap heeft gehaald. Het café functioneerde namelijk als een soort ‘dorpshuis’, waar vele activiteiten en festiviteiten plaatsvonden. Het pand heeft nu de functie van woonhuis. Gelukkig heeft de buurtschap sinds 1999 voor de nieuwjaarsreceptie onderdak kunnen vinden op de camping van de familie Rops*2.

Café ’t Hoekske was vroeger een herberg. Het jubileumboek*3 bevat een aangrijpend verhaal over Jan Mathijssen, die in 1849 in de herberg geboren is. Jan was zeer godvruchtig en wilde graag broeder worden bij de trappisten in Westmalle. Hij moest echter al op elfjarige leeftijd ‘de kost gaan verdienen’, om het karige inkomen van zijn ouders te helpen aanvullen. Toen de ouders enige tijd later wegens hun hoge ouderdom met de herberg stopten, moest Jan zelfs voor het hele gezin een inkomen bij elkaar werken. Zijn vader overleed in 1883, en pas na het overlijden van zijn moeder in 1894 was Jan eindelijk ‘vrij’ om zijn roeping te volgen. Hij is toen op 45-jarige leeftijd nog trappist geworden en ging sinds die tijd verder door het leven onder de naam broeder Hilarion. Hij is in 1921 in Westmalle overleden.

Aan de Molenstraat 67 (op de hoek met het nieuwbouwwijkje Beekdal) heeft melkfabriek ‘Hoop op Zegen’ gestaan, opgericht in 1906, gesloten in 1967. In 1926 werd de naam, op verzoek van pastoor Vermunt, gewijzigd in ‘R.K. Coöperatieve Stoomzuivelfabriek Sint Laurentius’. Het linkergedeelte is in 1989 afgebroken in verband met de nieuwbouw van Beekdal, het rechtergedeelte is nog intact. Een van de oprichters van de zuivelfabriek was Adrianus Rops. Hij was voorzitter van de fabriek van 1913 tot 1940 en is hiervoor in 1956, bij het 50-jarig bestaan, koninklijk onderscheiden.

De voormalige winkel annex theehuisje van ‘vrouw Frijters’ (To Frijters-Peeters) aan de Slotlaan 112 is thans een woonhuis.

De buurtschap is een echte buurtschap in de klassieke zin des woords. Dat wil zeggen dat het een gemeenschap is waar niet alleen iedereen elkaar kent, maar ook waar nodig voor elkaar klaar staat. Voorzitter van de buurtvereniging Toon van Ekert verwoordt dit in zijn voorwoord bij het jubileumboek*3 als volgt: “Persoonlijk ben ik er trots op deel te mogen uitmaken van de buurtschap. Het is een fijne gedachte te wonen in een omgeving waar vrijwilligers voortdurend inspanningen doen om ervoor te zorgen dat wij oog houden voor elkaar. ‘In voorspoed en in tegenspoed’, zoals dat dan zo mooi heet. Op de drempel van het derde millennium spreek ik dan ook de hoop uit, dat dit de komende vijfentwintig jaar kan worden voortgezet. Met ieders enthousiasme zal dat zeker lukken.”

De buurtvereniging organiseert tal van activiteiten zoals Sint-Nicolaas, schaatsen, zwemmen, paardrijden, droppings, feestavonden, fietstochten, barbecues, een bloemetje voor de zieken en kerstpakketten voor de ouderen. In 1999 is het 25-jarig bestaan gevierd met een feest voor de bewoners en een reünie voor oud-bewoners.

*1 Zie verder aldaar.

*2 Zie bij Overnachtingsmogelijkheden.

*3 Zie bij Literatuur.

De wegen in de buurtschap

De wegen in het gebied kennen een tamelijk turbulente geschiedenis, mede als gevolg van de aanleg van de rijksweg A58. Omdat het onzes inziens cultuurhistorisch veel interessante informatie bevat, volgt hieronder een beschrijving per weg, ontleend aan het jubileumboek. Dat boek heeft voor deze gegevens gebruik gemaakt van het boek ‘Straatnamen in de voormalige gemeente Nieuw-Ginneken’*1.

Chaamsebaan

“De Chaamsebaan is een nieuwe brede (auto)baan vanaf de rotonde in de Strijbeekseweg, die ter hoogte van Couwelaar weer op de oude Chaamseweg aansluit. Na de aanleg van rijksweg A58 werd het eerste gedeelte van de weg naar Chaam, tussen het voormalige café ’t Hoekske en de Boerenbond afgesloten. Aan de Chaamsebaan staan geen gebouwen, er liggen alleen de aansluitingen op de rijksweg. De naam Chaamsebaan werd reeds eeuwen geleden gebruikt voor de verbinding tussen Ulvenhout en Chaam.”

Chaamseweg

“Ter wille van de aansluitingen op rijksweg A58 werd in 1989 het tracé van de (oude) Chaamseweg binnen onze buurtschap gedeeltelijk gewijzigd. De Chaamseweg liep vanuit Ulvenhout vanouds vóór het voormalige café ’t Hoekske. De Molenstraat, Strijbeekseweg en de Chaamseweg hadden een zogenoemde Y-aansluiting, die gevaarlijke verkeerssituaties met zich meebracht. Om die situatie op te heffen is zestig meter verderop de Chaamseweg haaks aangesloten op de Strijbeekseweg. Deze nieuwe Chaamseweg is bestemd voor het langzame verkeer. Vroeger liep de Chaamseweg bij de Heistraat rechtdoor. Na de aanleg van de rijksweg buigt de Chaamseweg vóór de Heistraat rechtsaf en voert met een viaduct naast de (nieuwe) Chaamsebaan over de rijksweg. Bij Couwelaar komt de Chaamseweg weer uit op de Chaamsebaan, die vanaf dit punt weer Chaamseweg heet. In 1855 werd de weg naar Chaam door de provincie met grind verhard. Op deze nieuwe weg naar Chaam werd toen tol ingesteld, waarvoor bij het begin van de Heistraat een tolhuisje werd opgericht. De tolheffing werd per 1 januari 1875 officieel afgeschaft. Tot 1947 stond deze weg aangegeven als ‘Baan van Chaam naar Ginneken’.”

Heistraat

“De naam van deze grotendeels onverharde weg, lopende van de Chaamseweg via de Strijbeekse Heide naar Baarle-Nassau, is van recente datum. In de volksmond wordt deze nog steeds ‘Oude Baan’ genoemd. In verschillende akten wordt het pad vanaf de Pennendijk via de Beekhoek naar de Chaamseweg ‘het voetpad naar Baarle’ genoemd. Bij de Chaamseweg gekomen, liep dit pad oorspronkelijk door ten westen van de Heistraat, om verderop toch weer op de Heistraat uit te komen. Toen de A58 werd aangelegd, is de Heistraat in twee delen gesplitst. Het eerste gedeelte vanaf de Chaamseweg loopt dood tegen de A58 en kreeg in 1988 als nieuwe naam ’t Hoekske. Het tweede deel van de Heistraat tot aan de Goorheining behoort ook tot onze buurtschap. Maar omdat het over de rijksweg ligt, behoort dit deel thans tot de gemeente Alphen-Chaam.”

’t Hoekske

“Het betreft hier het noordelijke gedeelte van de Heistraat, dat door de aanleg van de A58 is afgesneden van het overige deel van deze weg. In 1858 werd de Strijbeekseweg beklinkerd en van 1859 tot 1875 werd er bij ’t Hoekske tol geheven op de Strijbeekseweg. De pachter van de tol, Cornelis Mathijssen, begon in een reeds bestaand huisje op ’t Hoekske een café. Zijn opvolger J. Smeekens herbouwde dit huis in 1887, in de vorm zoals dit thans nog te zien is, op de punt van twee wegen. Sedertdien begint het café ook de naam ’t Hoekske te krijgen. Omstreeks 1920 luidde de naam ‘café ’t Hoekske, In Den Veehandel, A. Brosens-Jansen’. In 1994 werd het café gesloten en werd het een woonhuis (Strijbeekseweg 1). Helaas verdween hiermee ook de naam van dit meer dan honderd jaar oude pand. Het is aardig om te weten dat zoon Jan van bovengenoemde Cornelis Mathijssen later door het leven ging als broeder Hilarion.” Zie het artikel hierover bij Geschiedenis.

J.F. Kellyweg

“Door de aanleg van rijksweg A58 werden een aantal vanouds bestaande verbindingen verbroken. Dit gebeurde ook met de Chaamseweg, die moest worden omgelegd en met een viaduct over de rijksweg werd gevoerd. Het gedeelte van de oude Chaamseweg vanaf de Heistraat, doodlopend tegen de A58, is genoemd naar de Engelse militair Frederik Kelly, die bij de bevrijding van Couwelaar op 29 oktober 1944 door Duitse militairen werd gedood. Hij werd overgebracht naar het koetshuis van Anneville*2 en daar opgebaard. De volgende dag werd hij door Thé Maas met paard en wagen naar het kerkhof in Ulvenhout gebracht en daar begraven. Hij was de enige geallieerde militair die bij de bevrijding van Ulvenhout op 28 en 29 oktober 1944 om het leven is gekomen.”

Koekelberg

“Vanaf de rotonde in de Strijbeekseweg loopt deze weg in westelijke richting naar de Mark en vandaar terug naar de Strijbeekseweg. Het is een der wegen, aangelegd bij de normalisatie van de Mark omstreeks 1970. Aanvankelijk kwam deze weg uit op de Daesdonkseweg, maar bij de aanleg van de rijksweg moest het laatste gedeelte verlegd worden. Koekelberg was in de 15e eeuw een (achter)leen van de Heer van Breda. Het goed was gelegen aan de rechteroever van de Mark, tegenover het landgoed De Blauwe Kamer*2 aan de andere zijde van de rivier. Aanvankelijk was het alleen een boerderij, die omstreeks 1700 tot een buitenplaats uitgroeide. In 1795 brandden zowel het herenhuis als de hoeve af, waarna het koetshuis tot bouwmanshoeve werd verbouwd. Deze wordt omstreeks 1800 ’t Vlot genoemd. Deze naam kan in verband worden gebracht met een vlot om de Mark over te steken, dat vanouds hier gelegen moet hebben. Het huis Koekelberg 10 staat op de plaats waar vroeger de Hoeve van de Koekelberg lag.” ’t Vlot is thans een zijstraat van de Slotlaan.

Koekel is waarschijnlijk gevormd met een diminutiefsuffix en betekent dus kleine koekvormige hoogte. Het element komt ook voor te Ulvenhout en Alphen” (89).

Molenstraat

“Het tracé van deze straat is zowel in de 19e als in de 20e eeuw enkele malen gewijzigd. De eerste maal geschiedde dat in 1855, toen de straat met grind werd verhard om een verharde verbinding te krijgen tussen het einde van de Steenweg bij De Roskam en de weg naar Chaam. In de jaren zeventig van de 20e eeuw werd de Molenstraat tot aan café ’t Hoekske rechtgetrokken. Hiervoor moest ook een nieuwe overgang over de Chaamse Beek gemaakt worden. Vóór de officiële naamgeving in 1947 werd de straat in de volksmond reeds lange tijd Molenstraat genoemd. Dat komt omdat hier al ruim 160 jaar de molen De Korenbloem*3 staat.”

Oude Beekhoek

“Deze weg loopt vanaf de Nieuwe Beekhoek in zuidelijke richting naar de Chaamseweg langs de boerderij van de familie Rops, Beekhoek genaamd. Toen de wijk Beekhoek I werd gebouwd, werd langs de zuid- en oostgrens de straat Nieuwe Beekhoek aangelegd. Op verzoek van de bewoners van de eeuwenoude gemeenschap Beekhoek, kreeg toen het pad tussen de Chaamseweg en de Nieuwe Beekhoek de naam Oude Beekhoek. Het pad langs de boerderij Beekhoek maakte in het verleden deel uit van het ‘Voetpad naar Baarle’ dat op de Pennendijk begon, de Chaamseweg kruiste en vervolgens ter hoogte van herberg De Jager weer aansloot op de Heistraat. Deze herberg was gelegen aan de Heistraat op het landgoed Luchtenburg, juist voorbij de grens van onze buurtschap.”

Slotlaan

“De Slotlaan ligt – evenals de Molenstraat, Heistraat, Koekelberg, Chaamseweg en Strijbeekseweg – slechts gedeeltelijk in onze buurtschap. Het deel ten zuiden van het Engelands Brugje over de Chaamse Beek hoort bij buurtschap ’t Hoekske. Vóór 1970 heette dit deel nog Molenstraat, maar bij de aanleg van de wijk Markdal II werd dit stuk weg aangesloten op de Slotlaan en de Molenstraat werd verlegd. De Slotlaan dankt haar naam aan het huis Grimhuijsen, dat tot 1904 achter de huidige Laurentiuskerk heeft gestaan. Het was omgeven door een gracht en toegankelijk via een ophaalbrug. Vandaar dat het huis ook wel ‘slot’ werd genoemd. Het poortje van het slot Grimhuijsen is bewaard gebleven en staat nog steeds tussen de pastorie en de kerk.

Over het Engelands Brugje valt het volgende te melden. De naam heeft niets te maken met het land aan de andere zijde van de Noordzee, maar het zou gewoon ‘weiland’ betekenen. Anderen denken dat het ‘vruchtbaar land’ betekent. Hoe dan ook, de percelen ten noorden van de Chaamse Beek, tegen de Molenstraat, werden tot in de jaren veertig Engeland genoemd. Een deel van deze percelen behoorde toe aan de boerderij van Kees van Boxel. Bij de inval van de Duitsers in 1940 hebben Nederlandse militairen de Engelandse Brug onklaar gemaakt en een rij bomen aan de westkant van de Molenstraat over de weg laten vallen om de opmars van de Duitsers te vertragen. Later bleek dat de Duitsers hier niet langs kwamen, zodat het enige effect was dat de Fransen, die naar Breda oprukten, hier werden tegengehouden.”

Strijbeekseweg

“Tot 1947 werd de vanouds bestaande weg van Ulvenhout naar de grens, door de mensen uit Strijbeek aangegeven als ‘straatweg van Ulvenhout naar Strijbeek’. Vanaf Ulvenhout heette de weg ‘Baan van Breda naar Hoogstraten’. In 1858 werd de weg tussen ’t Hoekske in Ulvenhout en de Belgische grens met keien bestraat. Om de kosten te bestrijden, werden twee halve tollen ingesteld: de eerste bij ’t Hoekske, de tweede bij het Molenstraatje in Strijbeek, nu de Markweg. Aan het einde van de 18e eeuw waren er zelfs plannen gemaakt voor een geheel nieuwe, verharde weg, via het eerste deel van de Heistraat en midden over de Strijbeekse Heide naar de molen op de Goudberg. Dit plan, waarvoor in 1782 een fraaie kaart werd getekend door J.P. Colognac*4, is nooit uitgevoerd.”

Tolweg

“Deze straat ligt in het woon- en werkpark van Ulvenhout, gelegen ten oosten van de Strijbeekseweg, tussen de Chaamseweg en de Chaamsebaan. De naam is gekozen vanwege de ligging achter het voormalige café ’t Hoekske waar, in het tweede kwart van de 19e eeuw, tolbomen werden geplaatst.” In 1999 zijn het voet- en fietspad en de rijbaan verhard.

Vlasaard

“De naam van deze hof aan de westzijde van de Molenstraat is ontleend aan een ter plaatse gelegen perceel grond, dat ten zuiden van de Chaamse Beek lag. Het toponiem wordt hier reeds in de 16e eeuw vermeld als ‘de vlassaert’. Vlas(s)aard is een samenstelling van ‘vlas’ en ‘gaard’. Het betekent ‘omheind perceel, waar vlas werd verbouwd’.” Vóór de bebouwing van Vlasaard stond hier het Shell-benzinestation van Kees Poppelaars.

*1 Geschreven door A.W. Jansen, uitg. Heemkundekring Paulus van Daesdonck. Zie voor verdere gegevens van deze kring bij Nieuw-Ginneken.

*2 Zie verder aldaar.

*3 Zie voor nadere informatie over deze molen bij Ulvenhout > Bezienswaardigheden.

*4 Zie verder bij Cartografie.

Recente ontwikkelingen

In 2000 is in ’t Hoekske aan de J.F. Kellyweg een nieuw type zorgboerderij gesticht volgens een bijzonder concept. Een aantal ouders van verstandelijk gehandicapten heeft zich namelijk verenigd in de Stichting ’t Berkske, die zich ten doel stelde een ‘woonwerkboerderij’ voor hun kinderen op te zetten. Die mogelijkheid ontstond door de recente introductie van het ‘persoonsgebonden budget’, waardoor ouders tot op zekere hoogte vrij zijn om te beslissen hoe de toekomst van hun kind eruit kan gaan zien, bijvoorbeeld op het gebied van huisvesting.

’t Berkske is de oude naam voor de plek waar de nieuwe boerderij is verrezen. Het ligt op het land van boer Harrie Heestermans, die zelf ouder is van een gehandicapte dochter. In het complex zijn twaalf appartementen gerealiseerd. Ieder kind heeft dus een zelfstandige woonruimte en buiten de ruimte om dieren te verzorgen, groente te verbouwen en de stallen schoon te houden. Hans Botman uit Etten-Leur, een van de initiatiefnemers, spreekt over een ‘uniek volkshuisvestingsconcept’: “De bewoners zijn via hun ouders eigenaar van de boerderij. Eigen woningbezit voor verstandelijke gehandicapten, waar vind je dat?” Regionale zorgverlener Amarant heeft het initiatief omarmd en wordt verantwoordelijk voor de dagactiviteiten. Ook de demontabele en flexibele constructie van dit gebouw is niet eerder vertoond en reden dit ontwerp te laten meedingen in een prijsvraag van het ministerie van Economische Zaken.

De buurtschap ’t Hoekske gaat met zijn tijd mee: in 2000 zijn er zendmasten geplaatst van de telecommaatschappij Ben.

Bezienswaardigheden

De langgevelboerderij (van het Kempische type) van Ad en Mieke Peeters-van Boxel aan de Strijbeekseweg 12 kreeg een eervolle vermelding bij de uitreiking van de Monumentenprijs Noord-Brabant 1998. De jury constateerde over dit pand: “Fraaie ligging in het landschap. Gebinten in schuren. Ook is geconstateerd dat soms, met behoud van de historische buitenkant, de binnenkant van de oorspronkelijke boerderij volledig anders is ingericht. In feite is een dergelijk gebouw dan te beschouwen als een zogenoemde woonboerderij. Dat kan variëren van eenvoudige splitsing en verbouwing tot een tweegezinswoning, tot het binnen de oorspronkelijke bouwmassa maken van een (luxe) woning die tot ver in de 21e eeuw als zodanig zal blijven voldoen. Door een dergelijke aanpak is dan toch in ieder geval de meestal fraaie landschappelijke situatie gered.” “Bijzonder zijn de topgevel waarin vensters met een boogveld en de Vlaamse schuur” (82). De circa tweehonderd jaar oude ‘karkooi’ is in 1996 grondig gerestaureerd. Dit rijksmonument was na een zware januaristorm in 1993 beschadigd. Gelukkig kon dit, voor de boer onrendabele, gebouw dankzij subsidies van gemeente en Rijksdienst voor de Monumentenzorg behouden blijven.

In verband met de aanleg van rijksweg A58 in de jaren tachtig zijn helaas enkele markante oude boerderijen verdwenen. Gelukkig is er ook nog een aantal overgebleven. Een fiets- of wandeltocht door de omgeving is dan ook zeker de moeite waard. Maakt u er een meerdaagse tocht van, bijvoorbeeld omdat u gelijk omliggende plaatsen als Ulvenhout*1, Galder*1, Strijbeek*1, Bavel*1, Alphen*1, Chaam*1, Baarle-Nassau*1, Gilze*1 en Ginneken*1 met omgeving wilt meepakken, dan is een verblijf op SVR-minicamping De Beekhoek (zie bij Overnachtingsmogelijkheden) aan te bevelen.

*1 Zie verder aldaar.

Recreatie

De Heistraat is een kilometerslange deels onverharde weg met fietspad, die begint bij ‘t Hoekske en dwars over de Strijbeekse Heide*1 naar Chaamdijk*1 loopt.

*1 Zie verder aldaar.

Overnachtingsmogelijkheden

SVR-minicamping De Beekhoek*1 is gevestigd bij een boerderij met zoogkoeien. De karakteristieke boerderij met Vlaamse schuur dateert uit 1700. Gelegen op loopafstand van bossen en grote supermarkt. Zwembad dichtbij. Tevens een vier- tot zespersoons zomerhuisje te huur, voorzien van centrale verwarming. Alle plaatsen zijn voorzien van water en stroom (6 ampère). Wasmachine/centrifuge/droger aanwezig. Overdekte fietsenstalling. Speelattributen voor kinderen. Seizoenplaats mogelijk. “Op camping De Beekhoek kunt u genieten van ruimte, rust, privacy en ontspanning. Gastvrijheid en persoonlijke aandacht zijn bij ons nog echt belangrijk. Het ligt dicht bij de bossen, waar u naar hartelust kunt fietsen en wandelen”, aldus de folder. Ook uw paard is welkom; stalling en weidegang zijn aanwezig, en in de omgeving zijn legio ruiterpaden waarop u van de natuur kunt genieten. Deze camping is een ideale uitvalsbasis om de streek te gaan ontdekken. Rustiek gelegen aan de buitenrand van Ulvenhout, in het centrum van Baronie en Markiezaat. Geen enkele plaats in de streek is verder dan veertig kilometer verwijderd. Daarnaast zit u in een paar minuten fietsen in het dorp Ulvenhout, in de Boswachterij Ulvenhout en het Mastbos, in de bruisende stad Breda, langs de meanderende rivier de Mark en op steenworp afstand liggen België, minidorpjes als Galder en Strijbeek en tientallen bezienswaardige buurtschappen. Zoveel verschillende biotopen en landschappen onder handbereik is redelijk uniek!

*1 Wim, Leny en Joris Rops, Oude Beekhoek 2. Tel. 076-5613587, internet www.campingdebeekhoek.com. De ingang van de camping is aan de J.F. Kellyweg. De camping is alleen toegankelijk voor donateurs van de SVR. Informatie over de SVR vindt u in de bijlage Organisaties.

Literatuur

In 1999 is het fraai verzorgde boek ‘Buurtschap ’t Hoekske. Fotoboek uitgegeven bij het 25-jarig bestaan van de buurtschap in 1999’ verschenen (redactie Kees van Alphen). In 86 pagina’s (A4-formaat) worden geschiedenis en recente ontwikkelingen van de buurtschap weergegeven. Blijkbaar is het een gezonde omgeving, want er figureren nogal wat gouden huwelijken in het boek. Eén echtpaar heeft er zelfs zijn 65-jarige huwelijk gevierd (Sjefke Brouwers en Dien v.d. Broek in 1977). Het boek is rijkelijk voorzien van illustraties.

Cartografie

De oudst bekende gedetailleerde kaart van het gebied, waarop de eigenaars van de verschillende stukken grond staan aangegeven, dateert uit 1783 en is getekend door landmeter J.P. Colognac. De kaart is vervaardigd in opdracht van de toenmalige burgemeester van Breda. Een deel van de kaart is afgebeeld in bovengenoemd jubileumboek. “Op de kaart is aangegeven dat rond ’t Hoekske overal al bebouwde landen lagen. In de richting van Strijbeek lagen de heidevelden. Er werd een verharde weg geprojecteerd vanaf De Roskam via de Oude Beekhoek en het eerste deel van de Heistraat en voorts midden over de Strijbeekse Heide. Onder meer door de inval van de Fransen op het einde van de 18e eeuw is de weg er nooit gekomen” (82).


 

Pennendijk

Inhoud algemeen

Naam

1521 en 1526 aenden Bennendyck.

“Vermoedelijk opgebouwd uit dijk, hier in de betekenis ‘hoge weg door beekdal’, en benne ‘vlechtwerk’, mogelijk ter versteviging van het talud. Benne betekent ‘mand, ruif’” (1).

Status

Voormalige buurtschap, thans wijk in Ulvenhout, gemeente Breda. T/m 1941 gemeente Ginneken en Bavel. Overgegaan naar de gemeente Nieuw-Ginneken.

Ligging

In het Z van Ulvenhout, O van de weg Ulvenhout-Strijbeek, rond gelijknamige weg.

Musea

Heemkunde Museum Paulus van Daesdonck*1 is gevestigd in een Brabantse boerderij uit 1903, is geopend in 1986 en omvat een volledig ingerichte woning (keuken, kelder, kamer, opkamer met klederdrachten), een winkel annex café, een klaslokaaltje en een kapel. Ook ambachtelijk gereedschap, archeologische vondsten, uniformpetten, speelgoed en een torenuurwerk uit Meerseldreef (België), gestuurd door een moederklok uit Ulvenhout, zijn er te bewonderen.

Verder zijn er uitgebreide collecties over het Koninklijk Huis, de geneeskunde, curiosa, de Tweede Wereldoorlog en over de verenigingen in de voormalige gemeenten Ginneken en Bavel en Nieuw-Ginneken. Alle materiaal is door de leden van de heemkundekring*2 zelf bijeengebracht. Een bijzondere aanwinst is de originele Ginnekense paardentram, die in 1993 door Annex-50 aan de heemkundekring is geschonken. In de tuin staan drie grenspalen en het voormalige gemeentewapen. Elk half jaar is er een wisseltentoonstelling.  

Meer info http://paulus.ulvenhout.com of mail naar paulus@ulvenhout.com

*1 Pennendijk 1. Tel. 076-5612742 (privé). Geopend van september t/m juni elke woensdagmiddag en elke eerste zondagmiddag van de maand. Toegang gratis, groepen ook op afspraak en tegen vergoeding.

*2 Zie bij Nieuw-Ginneken.  


Boswachterij Ulvenhout

Status ligging statistische gegevens en geschiedenis Recente ontwikkelingen Recreatie Eten en drinken Literatuur

Inhoud algemeen

Status

Bosgebied. Valt gedeeltelijk onder de gemeente Gilze en Rijen, sinds 1997 gedeeltelijk onder de gemeente Breda (t/m 1941 gemeente Ginneken en Bavel, overgegaan naar de gemeente Nieuw-Ginneken) en sinds 1997 eveneens gedeeltelijk onder de gemeente Alphen-Chaam (t/m 1941 gemeente Ginneken en Bavel, overgegaan naar de gemeente Nieuw-Ginneken, t/m 1996 tevens gedeeltelijk gemeente Chaam).

Ligging

Het gebied loopt van het NW naar het ZO, tot aan de weg Chaam-Gilze (Z daarvan ligt Boswachterij Chaam). Het begint N van Ulvenhout en omvat achtereenvolgens het Ulvenhoutse Bos of Voorbos (N van de A58) en Z van de A58 het Annabos, het Chaamse Bos of Chaambosje, Valkenberg, het Nieuw-Bos en het Prinsenbos (de cursief geschreven namen staan elders in dit boek beschreven). Het Ulvenhoutsebos heette vroeger Ulvenschot (89).

Statistische gegevens

Oppervlakte 730 hectare. Wordt beheerd door Staatsbosbeheer.

Geschiedenis

In het W deel van dit bosgebied komt meer loofhout voor dan in het O deel. Dat heeft met grondsoorten en wijze van aanleg te maken. Het Voorbos en het Annabos stammen uit de 16e eeuw, toen de adel hier de dienst uitmaakte. Hier komt relatief veel loofhout voor. De rest van het Ulvenhoutsbos is aangelegd tussen 1890 en 1930. Woeste, arme gronden werden in die tijd bebost, want de vraag naar stuthout voor onze mijnen was groot. “Hoe werd aan het begin van de 20e eeuw een bos aangelegd? Rechte rijen jonge boompjes (van één soort!) gingen de grond in. Meestal werd gekozen voor de grove den, een soort die ook op (voedsel)arme gronden redelijk groeit. Later zijn ook soorten als de Corsicaanse den, Douglas, lariks en fijnspar geplant. Het beheer van deze bossen bestond uit enkele dunningen van 30-80 jaar oude bomen. Daarna ging het hele perceel bos (vaak hectares groot!) voor de bijl en werden er weer nieuwe boompjes geplant. Deze aanpak heeft monotone, eenvormige bossen met geringe natuurwaarden opgeleverd” (23). Het hout van de dennenboom wordt overigens – als het voor productiedoeleinden wordt gebruikt – grenen genoemd.

Recente ontwikkelingen

“Staatsbosbeheer heeft het roer omgegooid en streeft naar een meer gevarieerde opbouw van het bos. Het Meerjarenplan Bosbouw (MPB), vastgesteld in 1986, beschrijft de gewenste bosontwikkeling in Nederland tot het jaar 2050. In het beheerplan voor de boswachterijen Ulvenhoutsbos en Chaam zijn deze ontwikkelingen voor dit gebied nader uitgewerkt. De boswachterijen maken deel uit van de Ecologische Hoofdstructuur*1 en zijn hierin omschreven als ‘natuurkerngebied’. Het beleid is de aanwezige natuurwaarden te behouden en te vergroten en negatieve invloeden een halt toe te roepen. Het grootste deel van het bos krijgt de functie ‘multifunctioneel’, dat wil zeggen dat recreatie, natuur en houtproductie optimaal samengaan. Voor ongeveer een kwart van het bos komt het accent helemaal op natuur te liggen.

Het Voorbos in het westelijke deel van Boswachterij Ulvenhoutsbos bestaat uit loofbomen en toont in het voorjaar een daverende voorjaarsflora met onder meer bosanemoon, speenkruid en dalkruid. Zulk bos moeten we méér hebben! Het Voorbos is een uitzondering op de bossen in deze regio die vol staan met bomen van één soort en één leeftijd. Als er nauwelijks kruiden en struiken zijn, hebben planten en dieren niet veel mogelijkheden. Een andere vorm van beheer kan hierin verandering brengen en dát gaat ook gebeuren, waarbij Staatsbosbeheer inspeelt op natuurlijke processen. Meer dunnen, dus meer bomen weghalen, betekent; meer licht op de bosbodem, waardoor zaden van kruiden, struiken en bomen kunnen kiemen. Kaalkap zal alleen op kleine oppervlakten gebeuren, zodat de ingreep in het bosecosysteem zo gering mogelijk is. Het kappen van de bomen past op deze manier in het streven naar meer natuur. Tegelijkertijd levert het hout geld op. En dat is welkom om onder meer recreatievoorzieningen te kunnen beheren. De al in de bodem aanwezige zaden zijn letterlijk en figuurlijk de kiem voor deze natuurlijke verjonging van het bos, dat er stukken gevarieerder en aantrekkelijker op wordt. Zo’n gemengd bos is stabieler en minder gevoelig voor storm, ziekte of plaag. Vooral het loofhout – inlandse eik, berk en beuk – wordt ‘voorgetrokken’; talrijke planten- en diersoorten zijn afhankelijk van deze inheemse bomen” (23). Zie ook bij Boswachterij Chaam.

De reddingsoperatie tijdens de ‘grote paddentrek’ is ieder jaar weer spannend. Hoeveel padden zullen er deze keer gered worden? ‘Bij een temperatuur van tien graden en regen krijgen de padden de kriebels in hun buik. Dan ontwaken zij uit hun winterslaap, verlaten hun schuilplaatsen in het Ulvenhoutsebos en gaan op zoek naar hun favoriete voortplantingswater, in dit geval de kleine vijver in park Wolfslaar*2’, aldus coördinator van de reddingsoperatie Angenieta Nieudorp uit Ulvenhout (833). Zij wordt daarbij traditiegetrouw geholpen door een groep leerlingen van de Bredase Christoffelschool. Zonder tegenmaatregelen zouden de dieren massaal worden platgereden op de Rouppe van der Voortlaan, de weg die het bosgebied van het park met het begeerde doel, de vijver, scheidt. Die maatregelen bestaan uit het plaatsen van een vijfhonderd meter lang scherm langs de weg. Omdat de dieren hierdoor niet kunnen oversteken, gaan zij een uitweg zoeken langs het scherm. Daardoor belanden zij vanzelf in een van de valkuilen; twintig ingegraven emmers. Vrijwilligers zorgen er twee keer per dag voor dat die emmers aan de overkant worden geleegd, zodat de dieren ongeschonden hun reis kunnen voortzetten. Jaarlijks worden er op die manier tussen de drie- en vierhonderd amfibieën gered. Want in hun kielzog nemen de padden nog enkele soorten kikkers en salamanders mee. Op de vraag waarom Angenieta en haar vrijwilligers zich telkens weer zoveel moeite getroosten voor deze amfibieën, heeft zij een simpel antwoord: “Wíj hebben een lint door hun landschap getrokken. Daar kunnen zíj niets aan doen, dus moeten wij ze een handje helpen.*3”

*1 Zie verder aldaar in de verklarende woordenlijst.

*2 Zie verder aldaar.

*3 Bent u een liefhebber van kikkers, en gifkikkers in het bijzonder, dan is de internetsite van de vereniging Dendrobatidae Nederland iets voor u. Deze internationale vereniging van liefhebbers van pijlgifkikkers (Dendrobatidae), mantella’s en andere kikkers is te vinden op www.gifkikker.nl.

Bernice’s Kikker homepage: http://home.zonnet.nl/kikkers.

Recreatie

Bij Staatsbosbeheer*1 kunt u de folder ‘Natuurpad door het Ulvenhoutsbos’ verkrijgen. Tijdens deze wandelroute van 2,5 kilometer door het aan Ulvenhout grenzende Voorbos komt u een rij genummerde paaltjes tegen. Aan de hand van deze paaltjes wordt in de folder het scala aan wetenswaardigheden over dit bos uit de doeken gedaan. Uitgelegd wordt onder meer welke verschillende boomsoorten hier groeien en wat hun functie was of is, welke planten- en diersoorten er verder voorkomen en waar dode bomen allemaal goed voor zijn (en dat is meer dan u denkt…).

Fietspaden.

Ruiterpaden.

Voorzieningen voor gehandicapten.

Excursies worden georganiseerd vanuit het Milieu Educatief Centrum Breda*2, door de Baroniegidsen*3 en door Staatsbosbeheer*1. Staatsbosbeheer organiseert ook speciale excursies voor rolstoelers en mensen die anderszins minder goed ter been zijn.

Picknickplaatsen.

Speelweiden.

*1 Gilzeweg 59, Chaam. Tel. 0161-492846.

*2 Tel. 076-5650395. Zie verder bij Wolfslaar.

*3 Tel. 076-5646649.

Eten en drinken

Auberge De Fazanterie*1 is een ideaal begin- of eindpunt voor uw wandel- of fietstocht door de omgeving.

*1 Sint Annadreef 2. Tel. 076-5613095.

Literatuur

Kees van Alphen*1 heeft in 1999 het boekje ‘Geschiedenis Boswachterij Ulvenhoutsbos 1899-1999’ geschreven, ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van Staatsbosbeheer (88 pag., uitg. heemkundekring Paulus van Daesdonck, nog verkrijgbaar zolang de voorraad strekt, voor verdere gegevens van deze kring zie bij Nieuw-Ginneken en Pennendijk). Het boekje behandelt onder meer de aspecten geschiedenis, productie, recreatie, jacht, wildbeheer, bedreigingen van het bos en bijzondere flora.

*1 Die zelf het bos meer dan 25 jaar beheerd heeft.  


Annabos

Inhoud algemeen

Naam

“Het Annabos wordt ook wel het Sint Annabos genoemd, maar eigenlijk is dit onjuist, omdat het bos genoemd is naar Anna van Egmond, echtgenote van Willem de Zwijger en zij is zeker niet heilig verklaard” (102, nr. 119).

Status

Bos in Boswachterij Ulvenhout*1. Valt sinds 1997 onder de gemeente Alphen-Chaam. T/m 1941 gemeente Ginneken en Bavel. Overgegaan naar de gemeente Nieuw-Ginneken.

*1 Zie verder aldaar.

Ligging

O grenzend aan de gemeente Gilze en Rijen, W aan Geersbroek, N aan de A58. In het W van het bos, W van de A58, ligt de Sint Annadreef.

Beschrijving

Het Annabos is aangeplant tussen 1551 en 1554. Oorspronkelijk lag rond dit bos een aarden walletje. Dit is alleen nog in het westen terug te vinden.

Bezienswaardigheden

De Royaaldreef is een brede laan met hoge loofbomen. De laan is genoemd naar koning-stadhouder Willem III. Door de aanleg van de A58 heeft de majestueuze laan helaas veel aan schoonheid ingeboet.


 

Anneville

Inhoud algemeen

Naam

Men heeft nog niet met zekerheid kunnen vaststellen of de naam stamt van het nabijgelegen Annabos, dan wel of het vernoemd is naar de vrouw van stichter Prosper Cuypers van Velthoven, Anne Marie Caroline. Op het landgoed staan overigens stenen palen met het inschrift Annaville.

Status

Landgoed. Valt sinds 1997 onder de gemeente Alphen-Chaam. T/m 1941 gemeente Ginneken en Bavel. Overgegaan naar de gemeente Nieuw-Ginneken.

Ligging

Z van Ulvenhout. Z grenzend aan Geersbroek, N aan de A58. De Annevillelaan vanuit het dorp Ulvenhout komt (over de snelweg) uit op het landgoed Anneville.

Statistische gegevens

Oppervlakte 26,21 hectare.

Geschiedenis

Het landgoed is in 1851 gesticht door Cuypers van Veldhoven. In 1860 verhuist hij naar Brussel en komt zijn zoon op Anneville wonen. In 1934 wordt het een hotel. In de Tweede Wereldoorlog richten de Duitsers er een bakkerij in met verrijdbare ovens. Voor de brandstofvoorziening hakken zij anderhalve hectare bomen om. Het brood gaat naar het front. Aan het eind van de oorlog komt prins Bernhard er met zijn staf wonen. Ook koningin Wilhelmina*1 verblijft hier tweemaal, in maart en mei 1945, enkele dagen voor het officiële einde van de Tweede Wereldoorlog (het zuiden was eind 1944 al bevrijd). Na de oorlog komen er regelmatig ministers van de Benelux bijeen om te beraadslagen over allerlei verdragen. Van 1972 tot begin jaren negentig is er de Outward Bound School gevestigd, die bedoeld was om mensen door zware opdrachten in de vrije natuur iets bij te brengen over hun grenzen. De moderne sporthal, die uit dezelfde periode stamt, valt op het landgoed erg uit de toon. Thans is het landgoed eigendom van jonkvrouwe Marie H.C. van Meeuwen en haar zonen Wim en Jan Victor Idzard Marie baron de Constant Rebecque.

*1 Op internet vindt u alles over het Koninklijk Huis op www.koninklijkhuis.nl 

Bezienswaardigheden

Huize Anneville is verhuurd aan een makelaar.

Park van 7 hectare. Het terrein is alleen toegankelijk voor fietsers en wandelaars.

Het koetshuis*1 is te huur voor cursussen, congressen en dergelijke.

De A58 is dwars door het landgoed aangelegd. Aan deze weg staat nog een herinnering aan Anneville; een grote eik.

*1 Annevillelaan 101. Tel. 076-5653318.

Literatuur

In 2000 is het boek ‘Op jacht naar het leven’ verschenen, de autobiografie van Erik Hazelhoff Roelfzema, die bekend is geworden als ‘Soldaat van Oranje’. Hazelhoff Roelfzema verhaalt in zijn autobiografie onder meer van zijn belevenissen met koningin Wilhelmina op landgoed Anneville.

Meer informatie over Anneville vindt u hier


 

Couwelaar

Inhoud algemeen

Naam

Kaauwelaar, Cauwelaar, Cauwelaer, Kouwelaar, 1391 en 1414 Coudelaer, 1519 Op Couwelaer, 1840 Cauwlaar.

“Samenstelling van laar ‘intensief benut bos’, hier mogelijk in de latere betekenis ‘gemeenschappelijk gebruikte woeste grond’ en koud ‘koud’. Bij veldnamen duidt koud veelal op vochtigheid, die maakt dat in het voorjaar de kou lang in de grond blijft zitten” (1).

In atlassen en plaatsnamenlijsten wordt deze buurtschap als Couwelaar geschreven. De buurtschap ligt echter aan de Cauwelaerseweg, met au en ae dus, en ook de inwoners betitelen hun buurtschap als Cauwelaer. De redactie van de Staatsalmanak (http://www.sdu.nl/staatscourant/gem/gem14nb.htm) maakt de verwarring er nog groter op, door de naam te schrijven als Cauwelaar! In het kader van eenduidigheid lijkt het ons dus logisch om óf de schrijfwijze van de plaatsnaam in atlassen en dergelijke te wijzigen conform de naamgeving in de dagelijkse praktijk, óf het straatnaambord aan te passen aan de formeel gangbare naamgeving. Uiteraard vinden wij Cauwelaer ook mooier, daar moeten wij de inwoners gelijk in geven…

Status

Buurtschap. Valt sinds 1997 onder de gemeente Alphen-Chaam. T/m 1941 gemeente Ginneken en Bavel. Overgegaan naar de gemeente Nieuw-Ginneken.

Ligging

Aan de Cauwelaersweg. 1 km ZO van Ulvenhout, O van Notsel, W van Geersbroek. N grenzend aan de A58.

Statistische gegevens

1840 12 huizen, 59 inwoners. 2000 20/60.


 

Daasdonk

Inhoud algemeen

Naam

“De naam Daesdonck kan verklaard worden als d’A’s Donk, dat wil zeggen ‘donk gelegen aan het water de A’. Een donk is een zandige opduiking in een moerassig gebied. Met de A wordt de rivier de Mark bedoeld” (943).

Status

Landgoed. Valt sinds 1997 onder de gemeente Alphen-Chaam. T/m 1941 gemeente Ginneken en Bavel. Overgegaan naar de gemeente Nieuw-Ginneken.

Ligging

1 km N van Galder. O grenzend aan de Mark, N aan de A58, W aan de Galderseweg, Z aan het Vonderpad. Gelegen aan de wegen Daesdonckseweg (O van de Mark) en Daasdonk (W van de Mark). In dit gebied ligt de Daasdonkse Tiend.

Statistische gegevens

Oppervlakte 165 hectare.

Beschrijving

“De omgeving van Breda telt van oudsher veel landgoederen. De Heren van Breda maakten in de late Middeleeuwen veelvuldig gebruik van hun recht om gronden in achterleen uit te geven. De nieuwe eigenaar, meestal een rijke ingezetene van Breda, liet hierop dan een hoevecomplex bouwen, wat bestond uit een versterkt huis, veelal omgeven door een gracht. Vaak werd er aan de hoeve ook nog een ‘Herenkamer’ gebouwd, die als zomerverblijf diende voor de eigenaar. Nadien werden er ook nog buitenplaatsen opgericht die gingen fungeren als permanente woning van de Heer. Vanwege het belang van de Mark als handels- en reisroute, werden veel van deze complexen aan beide oevers van deze rivier gesitueerd.

Eén van deze landgoederen was het voorname herenhuis Daesdonck aan de westelijke oever van de Mark. Tot 1832 vormde het een uitgestrekt complex van landerijen. De vroegere oprijlaan naar het kasteel Daesdonck begint bij ‘De Drie Zwaantjes’ (zie bij Bezienswaardigheden, red.) en is nog steeds goed herkenbaar in het landschap. (…) De oudste vermelding dateert uit 1350. Het landgoed is tot in het midden van de 16e eeuw eigendom geweest van de familie Van der Daesdonck, waarna het is overgegaan in het bezit van het voorname Zuid-Nederlandse geslacht De Douvrijn. Sinds het landhuis in 1696 verkocht werd aan George Lauder, een majoor in het Schotse regiment, werd het in de volksmond ‘het ladderkasteeltje’ genoemd. Helaas werd het 17e eeuwse kasteeltje door brand verwoest en de nabijgelegen kasteelboerderij in de as gelegd. Het oude kasteeltje werd in 1832 gesloopt en men besloot tot de bouw van een nieuwe boerderij, even ten noorden van de oude hoeve. Diverse ornamenten van het kasteeltje werden verwerkt in de gevel van de nieuwe boerderij. In 1983 werd de 150 jaar oude boerderij gerestaureerd, waarmee de drie hoeven die oorspronkelijk tot het landgoed Daesdonck hebben behoord (zie bij Bezienswaardigheden, red.), tot op heden behouden zijn gebleven” (943).

Bezienswaardigheden

Hoeve Daasdonk (Daesdonckseweg 5).

Hoeve De Drie Zwaantjes (Galderseweg 115).

Hoeve De Schotse Hoef.


 

Geersbroek

Naam status ligging statistische gegevens en geschiedenis Recente ontwikkelingen Overnachtingsmogelijkheden

Inhoud algemeen

Naam

1451 ‘t Ghaersbroeck, 1517 Gheerbroeck, 1520 Gheertbroeck.

“Wordt gezien als samenstelling van broek ‘drassig groenland’ en geers, gaers ‘gras, grasland’. De vormen zonder s maken het mogelijk voor het eerste deel ook te denken aan geer ‘langwerpig toelopend’” (1).

Status

Buurtschap. Valt sinds 1997 onder de gemeente Alphen-Chaam. T/m 1941 gemeente Ginneken en Bavel. Overgegaan naar de gemeente Nieuw-Ginneken.

Ligging

Rond de Geersbroekseweg, ZO van Ulvenhout, ZW grenzend aan Couwelaar, N aan de A58.

Statistische gegevens

1840 41 huizen, 195 inwoners. 2000 70/190.

Geschiedenis

“In het met dekzand bedekte gebied (rond de parochie Bavel, red.) komen enkele dalvormige laagten voor: het beekdal van de Geersbroekse Loop en delen langs de Gilze Wouwerbeek en de Molenschotse Lei. De geomorfologische kaart zegt dat er geen veen in die dalen zit. Inmiddels blijkt dat in het Geersbroek wel degelijk veen gezeten heeft, maar dat veen werd al weer lang geleden weggegraven door de boeren. Mogelijk heeft dus ook in beide andere dalen veen gezeten. De drie dalen monden uit in terrasafzettingsvlakten: er is dan geen echt dal meer”, aldus K. Leenders in (102, 1999).

In (33) wordt mevrouw Cie Wagemans (geboren 1898) geïnterviewd over ‘Geersbroek in vroeger tijden’ (begin 20e eeuw): “Het was hier toen een echte zanderij. De Geersbroekseweg was er nog niet en er lag alleen een steenweg waar nou de Annevillelaan is. Die heette toen Sterstraat. En nou zal ik eens vertellen hoe de mensen hier woonden. Die hadden meestal huizen met één kamer en daar zaten twee bedsteden in. In de ene sliepen de vader en de moeder en in de andere konden drie kinderen liggen. Maar het waren grote gezinnen en als er dan meer kinderen kwamen, dan werd er in de bedsteden een krib getimmerd, ook in die van vader en moeder, en daarin sliepen de andere kinderen. In sommige huizen was boven de kelder een opperkamertje, of een opkamertje, zeiden ze ook wel, en daar sliepen er ook nog. Vuur was er alleen maar in de woonkamer, een open vuur. In het keukentje was geen vuur. Dat diende enkel om de potten en de pannen – allemaal zwarte pannen – op te bergen en de kommen en de borden. Zo’n keukentje was maar klein, met een heel laag deurtje en het dak hing bijna op de grond. Dan hadden ze nog een stalleke, met een of misschien twee koeikes. Het waren allemaal kleine boertjes of boerenarbeiders of tuinders, die ’s winters in de suikerfabriek of in de bossen gingen werken. Veel mensen fokten ook een varkentje. Maar weet u wat ze dan deden? Als het varkentje geslacht werd, verkochten ze dikwijls d’n binnenbuik, het lekkere vlees, de coteletten en zo, en zelf aten ze alleen het spek op.

(…) Wij hebben altijd wel genoeg te eten gehad, maar het was slecht eten. Ga maar na, het brood bakten wij zelf en dat gebeurde altijd op zaterdag. Daar moesten wij dan de hele week mee doen, dus op het laatst was het niet lekker meer.

(…) Als arbeiders in die tijd gingen trouwen, dan kregen zij van thuis honderd gulden (circa £ 50,00) of zoiets mee en daar moesten ze d’r eigen mee inspannen. Zij begonnen met weinig. Een tafel, ’n paar stoelen, een bed en een paar kommekes en borden. Meer niet. Als zij geld moesten lenen, was daar geen bank voor net als nou, maar dan deden ze dat bij een heer of een rijke boer. Meestentijds tegen vier procent.” De boerderijtjes waren maar klein. Als er al een keldertje onder zat, dan was daar meestal geen spekkuip ingemetseld. Maar er stonden wel vaak Keulse potten in waarin de spullen in de pekel werden bewaard.

Dan volgt er een wat moeilijk bespreekbaar onderwerp. In de stal, achter de koe, stond een kuip met een bril erop. Tegenwoordig noemen ze zoiets het toilet, maar dan zit er een afvoer aan en die luxe had ‘de kuip’ niet. “Nou, als ie vol was werd ie gewoon uitgereden op het land”, aldus Cie Wagemans. Dan begint zij breeduit te lachen en vertelt: “Toiletpapier was er in die tijd nog niet en de krant hadden we ook niet.” Een mededeling die duidelijk een vraag uitlokt: hoe moest dat dan? Cie kijkt aarzelend haar zuster aan en die aarzelt (en lacht) met haar mee. Dan zegt ze: “Nou, met een handje strooi, maar da kunde toch nie in de krant zetten!”

Als de Geersbroekers naar de dokter moesten, gingen ze naar Ginneken. Ziek zijn was (ook) in die tijd meer dan alleen maar een lichamelijk probleem, want ook de handen stonden stil, het werk en vaak het inkomen. En grote gezinnen moesten toch vaak ‘van d’n ermen’ onderhouden worden, door de kerk of de gemeente. “Als er iets was, gingen de mensen dikwijls naar de pastoor. Ook als het om ziekte ging. Die had soms net zoveel weet van ziektes als de dokter, want die kwam bij zoveel mensen”, aldus Cie Timmermans. Ook voor de tandarts hadden de ‘gewone mensen’ geen geld. Die gingen in Meerseldreef (vlak over de grens in België) bidden voor Sint Apolonia. Of dat hielp? Cie: “Dat moest wel helpen, want er was niks anders.” Voor een verstuikte voet, van de boer zowel als van zijn paard, konden de mensen terecht bij enkele vrouwtjes die een gebedje kenden om het slachtoffer te ‘overlezen’.

Recente ontwikkelingen

In 1997 is het gedeelte van de voormalige gemeente Nieuw-Ginneken Z van de A58, waaronder de buurtschappen Anneville, Couwelaar, Geersbroek en Rakens, onderdeel geworden van de nieuwe gemeente Alphen-Chaam. Aanvankelijk had de nieuwe gemeente plannen om de hele streek waarin de genoemde buurtschappen liggen Geersbroek te noemen: “Voor het gebied dat valt onder Ulvenhout en Bavel, maar gelegen is Z van de A58, is gekozen voor de naam Geersbroek” (gemeentelijke infokrant, december 1996). Dit om verwarring te voorkomen met de dorpen Bavel en Ulvenhout, die naar de gemeente Breda zijn overgegaan. Handhaving van deze namen voor de delen Z van de A58 zou onwerkbaar zijn voor de bestellers van PTT Post en de statistici van het CBS, aldus de gemeente. Bij PTT Post geeft men toe dat het eenvoudiger is als één plaatsnaam ook maar in één gemeente voorkomt. “Maar het is altijd een gemeente zelf die besluit tot het veranderen van een plaatsnaam of niet”, aldus woordvoerder H. Cluck (317). Verder stelt zij: “De postcodes hebben inmiddels wel een bredere maatschappelijke functie. Denk bijvoorbeeld aan de selectie van adressen voor verkiezingsbiljetten. Maar uiteindelijk maakt het ons niks uit of de plaatsnaam die bij de postcodes hoort nu Ulvenhout is of wat anders.” Bij het CBS begrepen ze het verhaal helemaal niet: “Voor ons statistiekenwerk koppelen wij slechts postcodes aan gemeenten”, aldus woordvoerder J. Vliegen. “Hoe een plaatsnaam precies luidt, maakt ons helemaal niets uit.” De gemeente had het voorstel gebaseerd op een brief van PTT Post, die daarin stelde dat volgens het CBS eenzelfde plaatsnaam verdeeld over meer gemeenten niet zou kunnen. Dat bleek echter een misverstand.

Voor een deel van de bewoners had de beoogde naamswijziging als consequentie dat ze voortaan niet meer in Ulvenhout zouden wonen, maar in Geersbroek. Onder meer het postcodeboek zou hierop worden aangepast. Na protest van de bewoners is deze wijziging ongedaan gemaakt. Bewoners van de streek dachten namelijk dat de huizen minder waard zouden worden omdat zij niet meer in Ulvenhout, ‘het Wassenaar van Brabant’, zouden wonen maar in het onbekendere Geersbroek. Als er dan tóch veranderd zou moeten worden, stelden de inwoners alternatieven voor zoals Anneville, Hondsdonk (naar de gelijknamige landgoederen), Cauwelaer of Ulvenhout-Zuid. Het is uiteindelijk respectievelijk ‘Bavel/Alphen-Chaam’ en ‘Ulvenhout/Alphen-Chaam’ geworden… Het postcodeboek en ook de plaatsnaamborden ter plekke zijn hierop aangepast. De postcodes zijn overigens wél veranderd. Wat ons betreft blijft geografisch gezien echter de buurtschap Geersbroek gewoon bestaan.

Bij de buurtschap Geersbroek staat sinds 1997 een bord ‘Ulvenhout, gem. Alphen-Chaam’.

Overnachtingsmogelijkheden

Landgoed  Bosweelde is zo ingericht, dat u volop kunt genieten van uw eigendom, royaal qua opzet met voldoende privacy en uiteraard van alle gemakken voorzien. 

*1 Geersbroekseweg 3. Tel. Tel.: 0161 - 411246, internet www.bosweelde.nl  . 


Hondsdonk

Inhoud algemeen

Naam

Hondsdonk komt op diverse plaatsen in de Baronie voor. Een oude boerderij – later buitenplaats – te Ulvenhout heet zo, maar ook een perceel te Oosterhout en te Princenhage, terwijl onder laatstgenoemde plaats ook nog een hoeve zo genoemd wordt. Hond is een pejoratief: ofwel rechtstreeks (onvruchtbare, natte grond) ofwel via hondshout (= vuilboom ofwel sporkenhout), een minderwaardige struik, althans niet bruikbaar voor gereedschap, planken, stelen et cetera” (89).

Status

Landgoed in de gemeente Alphen-Chaam. T/m 1941 gemeente Ginneken en Bavel. Overgegaan naar de gemeente Nieuw-Gin­neken.

Ligging

3 km NW van Chaam, rond de Hondsdonkseweg. Hondsdonk maakt deel uit van de buurtschap Rakens.

Statistische gegevens

Het gebied is 285 hectare groot. Het is particulier bezit.

Beschrijving

“Landgoed dat uit landbouwgronden en veel naald- en loofbos bestaat. Het op de zandgrond aangelegde landgoed wordt doorsneden door beken. In de dalen zijn interessante planten te vinden. Ook zijn er enkele stukjes dichtgegroeide heide en een fraaie bosvijver” (70).

Huize Hondsdonk is een landhuis in empire stijl, met dakruiter, gebouwd omstreeks 1790. Het is niet te bezichtigen.

Recreatie

Fietspaden.

Hondsdonk is opengesteld op wegen en paden, met uitzondering van de naaste omgeving van het huis.


 

Luchtenburg

Inhoud algemeen

Naam

“Indien wij de naam Lochtenberch trachten te verklaren, staat locht waarschijnlijk voor lichte (onvruchtbare) zandgrond en berch voor een hogere ligging dan de omgeving”, aldus Jac. Jespers in zijn boekje ‘Wandelen op Luchtenburg’*1.

*1 Zie verder bij Literatuur.

Status

Landgoed in de gemeente Alphen-Chaam. T/m 1941 gemeente Ginneken en Bavel. Overgegaan naar de gemeente Nieuw-Ginneken.

Ligging

Rond de Luchtenburgseweg, 2 km ZO van Ulvenhout. Gelegen Z van de weg Ulvenhout-Chaam, O van de Heistraat, W van de buurtschap Rakens en het landgoed Hondsdonk. Luchtenburg vormt met de landgoederen Hondsdonk*1 en Valkenberg*1 een aaneengesloten landgoederenzone van vele honderden hectaren, wat voor Noord-Brabant bijzonder is. Een soortgelijk fenomeen doet zich in de regio voor bij de landgoederen Pannenhoef*1, Wallstein*1 en De Oude Buisse Heide*1.

*1 Zie verder aldaar.

Beschrijving

Het landgoed Luchtenburg is ontstaan in het jaar 1518, toen Graaf Hendrik III van Nassau, als Heer van Breda, 15 bunder heide en ‘wildert’*1 uitgaf aan zijn rentmeester Hendrik Montens, die vooral bekend is gebleven door zijn aanleg, in opdracht van Graaf Hendrik III, van het Bredase Mastbos.

Uit vergelijkingen met een zeer gedetailleerde landkaart van Luchtenburg uit 1802, vervaardigd door landmeter J. Dodument uit Brussel, blijkt dat de omgeving van Luchtenburg in tweehonderd jaar tijd nauwelijks is veranderd. Jac. Jespers*2 stelt dan ook dat een wandeling over Luchtenburg u de unieke gelegenheid biedt u, met enige fantasie, te wanen in een landschap van omstreeks 1800. Dus: “kopen*3 en lopen!”, is ons advies.

*1 Zie voor verklaring van de term wildert bij Wildert gem. Zundert.

*2 Zie bij Literatuur.

*3 Het boekje zoals onder vermeld onder Literatuur.

Bezienswaardigheden

Het landgoed zelf is al beziens- en bewandelenswaardig. Op het landgoed bevindt zich nog een aantal authentieke panden, zoals het landhuis, diverse hoeven, een bakhuis en een tiendschuur. Wij verzoeken u de privacy van de bewoners te respecteren en daarom een gepaste afstand tot de erven te bewaren.

Literatuur

Het boekje ‘Wandelen op Luchtenburg’*1 is verschenen ter gelegenheid van de viering van 200 jaar zelfstandig Noord-Brabant in 1996. Het beschrijft de geschiedenis en het landschap van het landgoed en de bezienswaardige panden en locaties aan de hand van een rondwandeling.

*1 Jac. Jespers, uitg. heemkundekring Paulus van Daesdonck, 1996. Het boekje is, zolang de voorraad strekt, nog verkrijgbaar bij de heemkundekring. Zie voor nadere gegevens van deze kring bij Nieuw-Ginneken en Pennendijk.  


Notsel

Inhoud algemeen

Naam

1299 kopie 1635 Noortsselt, 1414 Notselt, 1416 Nottasselt.

“Misschien samengesteld uit sele, dat voortkomt uit sali- ‘woning, stal’ en noot-, dat voortkomt uit naut- ‘rundvee, stier’. Namen op -sele ontlenen hun bestemmingswoord vaker aan de veehouderij. De jongste verklaring ontleedt de naam als not ‘moerassige plek’ en asselt, gevormd met het collectiefsuffix t bij hassel ‘hazelaar’. Deze duiding komt tegemoet aan de oude vormen, maar is qua opbouw uitzonderlijk. Beter zou dan zijn not te verbinden met hnott ‘kaal’, met als grondwoord het bovengenoemde asselt, of anders selt ‘wilgenbosje’” (1).

(89) stelt: “Notselt (1416: notasselt) kan betekenen: ‘bos van hazelaars bij een moeras’. Vergelijk Stokhasselt onder Tilburg.”

Status

Buurtschap. Valt sinds 1997 onder de gemeente Alphen-Chaam. T/m 1941 gemeente Ginneken en Bavel. Overgegaan naar de gemeente Nieuw-Gin­neken.

Ligging

Aan de Strijbeekseweg, 1 km Z van Ulvenhout, N grenzend aan de A58.

Statistische gegevens

1840 21 huizen, 135 inwoners. 2000 30/80.

Beschrijving

“De Wasmark, een beemd*1 te Notsel aan de Mark, kan genoemd zijn naar het wassen van het water; hierop wijst de alternatieve benaming de Beversluis. Als bevers daar een dam in de Mark hadden gelegd, rees het water erachter” (89).

*1 Zie voor de verklaring van het toponiem beemd bij Hoevense Beemden.


 

Rakens

Inhoud algemeen

Naam

1530 Aent Raicken, 1580 aen t Raken, 1634 by den Raeken.

“Bevat het woord raak ‘rechte strook (langs water of weg)’, hier misschien als diminutief” (1).

Status

Buurtschap. Valt sinds 1997 onder de gemeente Alphen-Chaam. T/m 1941 gemeente Ginneken en Bavel. Overgegaan naar de gemeente Nieuw-Ginneken.

Ligging

2 km ZO van Ulvenhout, 1 km ZO van Couwelaer, Z en W van de weg Ulvenhout-Chaam.

Statistische gegevens

1840 14 huizen, 85 inwoners. 2000 20/55.

Bezienswaardigheden

Landgoed Hondsdonk*1.

*1 Zie verder aldaar.